zondag 3 februari 2008
ach,
geef het allemaal aan mij
ik stop het in een doosje
en noem het de tv.
maandag 28 januari 2008
Damien Rice
Just like you said it would be
Life goes easy on me
Most of the time
And so it is
The shorter story
No love, no glory
No hero in her sky
bigmouth strikes again
Dat heb ik geleerd.
Moelijk is het niet.
Woorden zijn mijn wapens.
Zo kan ik de wereld aan.
Ik vuur ze in het rond.
Ik was niet altijd zo.
Vroeger was het anders.
Maar dat is veranderd, nu.
Ik praat je onder tafel.
Mijn replieken zijn gevat,
en mijn zinnen weldoordacht.
In monologen spreek ik vlot
de hele wereld toe.
Ik zeg alles wat ik wil.
Een grote mond heb ik.
Maar als het draait om verdriet,
word ik altijd even stil.
Forever turned out to be too long.
Maar gaandeweg leerde ik andere mannen kennen. Veel andere mannen. En ze wisten mij ook te bekoren. Ze konden me iets geven wat ik bij jou miste. Liefste, het was niet dat ze beter dan jou waren, dat niet, maar ik was bang. Bang dat je me nooit zou kunnen geven wat ik wou, hoe lang ik ook zou wachten. Ik wou méér. Ik werd ongeduldig, onrustig. Daarom ging ik verder. Ik haalde alle dingen die met jou te maken hadden weg, zodat ik niet meer aan je herinnerd kon worden. Vanaf toen ging een hele andere wereld voor mij open. Het was een wereld van nieuwe mogelijkheden en het was allemaal beter dan ik had durven dromen. Het deed pijn, natuurlijk, dat ik jou moest achterlaten. Ik leerde dat liefde vervangbaar is, en dat we soms moeten verdergaan, hoeveel pijn het ook doet. Omdat het de enige optie is. Soms duurt liefde maar even. Niet voor altijd.
Vandaag kwam ik je toevallig weer tegen, via het internet. Ik schrok even, omdat ik je jarenlang verbannen had naar een plekje achterin mijn hart. En nu was je daar weer, zo plots. Je sprak me vriendelijk toe, je zong een beetje voor mij, en even smolt ik weer weg in je ogen. Heel even herinnerde ik me weer alles. Je wilde haren, je stem, je gespierde armen, je bewegingen, de strakke shirtjes, het kleine oorbelletje in je linkeroor, het weelderige borsthaar. Het waren mooie tijden, vroeger, jij en ik. Ik heb geen spijt dat ik je toen kende. Het doet geen pijn meer. We zijn verdergegaan, en dat was het beste, voor ons beiden. Het had toch nooit wat kunnen worden, dat besefte ik toen eigenlijk ook al. Lieve Jon, het was niet voor altijd.
Of: hoe ik vroeger gek was van Jon Bon Jovi :-). Ik had cassetjes en video's van hem. Ik had 'Always' op single. Knipsels uit de Joepie. Een levensgrote vlag, zelfs. Ik kon uren naar hem kijken, luisteren, zwijmelen. Was hélemaal dolverliefd, en 12 jaar oud.
zondag 27 januari 2008
hier ben ik
donderdag 17 januari 2008
Hasselt
(of vlinderstruiken)
nadat het zachtjes geregend had,
en ik liep over de zebrapaden.
Tot zover de hoogtepunten van vandaag.
woensdag 16 januari 2008
change
Ik vind dat ik mijn kennis moet delen met de mensheid. Dus, als u ook een staaltje wilt van mijn uitmuntende kunnen, geef mij dan geld (liefst een groot bedrag, dat gaat mij extra goed af). En ik zal u wisselgeld teruggeven. *wink wink*
Tsja, ik ben precies weer gezond. Nu ja, mijn amandel (eentje, ja) is nog steeds zo dik als een -euhm- okkernoot, maar er kan weer eten door, hoera! En stem uit, nog meer hoera!
Van stemmen gesproken: Ik wil ook naar de Bwards. Moet je genomineerd zijn om daar binnen te kunnen, of mag je zomaar voyuertje gaan spelen? (Voyeur als in: zien wie er nog allemaal blogt, en daar sociaal mee gaan wezen. Niet als in: mensen gaan begluren in a sexual way.) Indien optie 1 het geval is, stem op mij. Bij optie twee: u mag uw kleren écht aanhouden hoor. Tot dan!
vrijdag 11 januari 2008
Mijn liefste Benji
Op je eerste verjaardag hadden we je een hoedje gemaakt, en een brandend kaarsje in een frangipanetaartje gestoken. Terwijl je eigenlijk stil moest blijven zitten voor de foto, hapte je al gretig naar je stuk taart. Voorzichtigheid was nooit je sterkste kant. Ik weet nog wat ik gewenst heb toen we het kaarsje snel uitbliezen; dat je heel lang moest blijven leven.
Of toen je pootje in het gips zat. Je was nog zo klein, je paste zelfs nog in mijn twee handen. Hoe koddig was je toen. Een echte aandachtstrekker. Veel blaffen deed je niet, alleen als iets je niets zinde. Of als je koekjes wilde, natuurlijk.
Naarmate je wat ouder werd, veranderden je zwarte haartjes in grijze lokken. Alle andere stomme keffende yorkskes met saai bruin haar waren vet jaloers. Jij was stoer. Oké, je was een mannetje met een staartje op je kop, maar je bleef cool. Zelfs toen we je poppenkleertjes aantrokken, en in de buggy stopten.
Overal ging je mee naartoe. We hebben half Europa rondgereisd, met jou erbij. Jij, op de hoedenplank van de auto, met je neus uit het raampje. Aan meertjes. In de sneeuw. Wandelend door bossen. Zonnend op het strand. Je vond het fijn om te graven, en het was zelfs nog fijner om daar naar te kijken. En nadien te lachen met je snuitje dat vol zand hing.
Je vond het plezant om op je piepende kersthondje te duwen met je pootjes. Urenlang achter elkaar. En op levende kuikentjes. De bal, daar was je ook gek van. En van de sok die ik volgepropt had met krantenpapier. Je vond het fijn om met je konijntje te spelen, maar toen het iets te fijn werd, hebben we het konijn maar veilig opgeborgen.
Het bad vond je minder leuk. Zeker niet als we je lieten zwemmen. We hielden je dan vast, boven het water, en jij bleef trappelen, met je pootjes in de lucht. En achteraf zag je er steeds uit als een rattekop. Dan bliezen we je droog met de haardroger, en alles kwam weer in orde. De dierenarts vond je ook niet geweldig. Je wist het steeds, als we ernaartoe reden. Dan werd je wat zenuwachtig. Bij de dierenarts zelf werd je dan een beetje agressief. Maar dat verdiende ze, die gemene spuitjesvrouw.
Je kon op bevel zitten, liggen, pootjes geven, zoeken, omrollen en blaffen voor een koekje. Wij konden op bevel je oppakken, aaien, meenemen, met je spelen.
Jij hebt mijn kindertijd meegemaakt, toen ik een tiener was, puberde, en toen ik volwassen werd. Je wist alles van mij. Wanneer ik blij was, ging ik met je dansen, of spelen met de bal. Wanneer ik triest was, kwam je zoentjes geven, of zomaar bij me zitten, als troost. Ik heb ook jouw hele leven meegemaakt. De laatste jaren was je wat minder goed te been. Je was nog steeds dezelfde vrolijke pluizebol, dat wel, maar af en toe liep je ergens tegenaan, of viel je om. In het begin was dat even schrikken, maar na een tijdje konden we er wel mee lachen.
'Benji slaapekes doen'. Dat zeiden we elke avond. En dan ging je in je mandje liggen, zonder morren. En de volgende ochtend was je weer huppeldepuppy. Klaar voor een hondsdolle dag. Nu slaap je voor altijd. Als ik daaraan denk, kan ik niet ophouden met huilen.
donderdag 10 januari 2008
dinsdag 8 januari 2008
*ahum*
Zo wil ik aan het nieuwe jaar beginnen,
langzaam door de straten van mijn leven wandelen.
Zonder pijn, stemproblemen, zware koorts
en ontstoken amandelen.
Ik denk dat ik 'op blote voetjes' ga veranderen in 'met wollen sokken aan, veel laagjes kleding, een sjaal, een muts en handschoenen. En een dikke winterjas'. Pfffrt.
ps: De nieuwjaarskaartjes zullen even vertraging oplopen. 't Zijn stakingen in mijn hoofd. Alles zit vast (zei de dokter).
zaterdag 5 januari 2008
reikhalzend uitkijken
Zo wil ik aan het nieuwe jaar beginnen.
Zo sierlijk, koninklijk, recht toe aan.
Zo blank vanbuiten en zo kalm vanbinnen
als een zwaan.
Zo wil ik verder, met het hoofd geheven.
Met wind en water wezenlijk vertrouwd.
Met naast me iemand die mijn hele leven
van me houdt.
Zo wil ik mij in deze drukke tijden
verheffen boven twist en twijfelzucht.
En boven elk tumult mijn vleugels spreiden
in de lucht.
Zo wil ik al mijn zorgen overwinnen
en kiezen voor een hagelwit bestaan.
Zo zal ik aan het nieuwe jaar beginnen,
als een zwaan.
lost and found
dinsdag 1 januari 2008
nieuw jaar
Bij de eerste manier is het sleutelwoord: drank. Drink thuis gezellig wat. Je moet je vooral niet haasten. Treuzel een beetje, drink nog een beetje. Maak middernacht mee met je kleren maar half aan. Drink nog wat meer. Ga uiteindelijk enkele uren later op café zitten. Drink heel veel. Wees schaamteloos. Zet een kroontje op. Zorg dat de ex van je huidige vriend dat van je hoofd afrukt. Zeg dan tegen haar dat ze hangtieten heeft. Altijd lachen. Vergeet wat er daarna allemaal gebeurde.
De tweede manier bestaat eruit dat je veel te veel werkt de dagen voordien, zodat je gewoonweg bekaf bent als de grote avond daar is. Kom om 23u30 aan op een feestje, maak nog even het roepen (gelukkig nieuwjaar!) en het zoenen (kuskuskus, kuskuskus, ...) mee, en ga dan op een tafeltje liggen. Val in slaap. Word wakker om 9u 's morgens. Vraag wat je gemist hebt. (euhm, alles.)
De derde manier houdt in dat je 65 euro betaalt voor eten, en dan ook effectief gaat eten (duh). Drank is inbegrepen, maar je besluit dat je het eerst wat op je gemak gaat doen, want je hebt nog de hele avond. Eet dus rustig, en drink twee glaasjes wijn. Krijg rond 22u kramp en voel je misselijk en krijg een vreselijk beklemmend gevoel. Ga dan even naar het toilet. Naar buiten een luchtje scheppen. Rustig zitten op je stoel. Neemt twee motiliums. Probeer rustig te blijven en hoop dat het overgaat. Maar het helpt allemaal niet. Voel je als een slappe dweil. Je hebt wel zin in wijn en dansen en champagne en rondhupsen, maar het gaat gewoon niet. Ga eventjes liggen in de auto, en blijf ziek, zodat je veel te vroeg naar huis moet. Ga slapen.
Ach. Misschien is oudjaar gewoon niet zo mijn ding. Leve het nieuwe jaar!
maandag 31 december 2007
lijstjestijd
Trabajo!
Het eerste halfjaar werkte ik bij Vero Moda. Dat was plezant, en toen gaf ik mijn ontslag. En zelfs dan was het nog steeds plezant. Behalve tijdens de solden. Hoewel ook dat weer zijn *ahum* charmes had.
Toen het juni werd, was ik voor de laatste keer naaktmodel. Vijf jaren kramp, en spierpijn, en veel te veel tijd om na te denken terwijl ik daar stond, lag, zat, hing, whatever, maar ik deed het graag. En ik was ook blij dat het voorbij was.
In oktober werkte ik voor Greenpeace. Interessant werk, dat is het minste wat ik er van kan zeggen.
De tweede helft van het jaar had ik plotsklaps werk als juf. Eerst gaf ik muzische vorming, en daarna kreeg ik er nog een fulltime bij op de kunstacademie. Zwaar, zwaar, zwaar. Maar zo fantastisch dat het is, verdoeme!
Oh, ik vergeet het bijna: ik liep ook weer het hele jaar in lingerie rond bij vreemde mensen thuis.
Vrije tijd.
Weinig. Als ik niet aan het werk was, dan was ik wel op een feestje, een optreden, yogales, autorijles, op café, of ergens anders.
Muziekjes die het meest gespeeld werden.
Gewoon luisteren (klik! klik! klik!):
Great Lake Swimmers, Nick Drake, Tom Waits, Tindersticks, Spinvis, Bob Dylan, The Smiths, Kate Nash, Carla Bruni, Beirut, Bright Eyes, Milow, The National, Nick Cave, Arid, Damien Rice,...
Festivals en feestjes.
Pinkpop, Dour, Pukkelpop, Gentse feesten, Feeërieën, Night of the proms, Cactusfestival, Maanrock, Werchter, Band of horses, Arid, Arcade fire, Milow, Lou Reed, Ideal husbands, Flip Kowlier, Tom Helsen, Petrol, Muziekodroom, Geel, Crossroads, en vele, vele anderen. Ze zijn te ver weg om allemaal te kunnen onthouden.
Liefde, oh schone liefde.
In de lente eindigde ik mijn tweejaardurende relatie. De tranen die er vloeiden, daar kon je pottekes mee vullen, en een winkel beginnen. (maar ja, wie wil er nou tranen hebben?) Net daarna stortte ik me op iets anders, maar ik zat te hoog met mijn hoofd in de wolken, en de grond kwam dus dubbel zo hard aan. Ach, Ik zal het beschouwen als een wijze les. (nooit meer verliefd worden.)
Daarna leerde ik veel nieuwe mensen kennen, en oude mensen nog wat beter kennen, en het was allemaal leuk en vrijblijvend en alles onder controle en gezellig en prima.
En nu?
Dat vertel ik later wel. *cliffhanger*
Vriendschap.
Die was fantastisch, danku.
Ik heb geleerd dat ik niet altijd sterk kan zijn. Soms zelfs allesbehalve. En dat je, als je valt, en keihard op je bek gaat, er vrienden zijn om je op te vangen. Of tenminste om je op te rapen.
Hatsjoem! Gezondheid.
Goed. Buiten die keer in het ziekenhuis. Hyperventilatie. Paniekaanvallen. Slaapproblemen. Bloederige taferelen. Veel tranen. Griep. Verkoudheden. Pijn.
Maar voor de rest: alles tiptop in orde.
Meest invloedrijke drankjes.
Witte martini, ter vervanging van de eeuwige witte wijn.
Alpro soya chocolade light, zo jummie .
Memorabele momenten.
(positief en negatief.)
Naaktstrand, modeshow, twee-torenwijk-toren, picknick, pony's, eurodisney, crossroads, Dour, Q-party, Arid, Brugge, muziekodroom, yoga, Bergen, travestietenbar, vriendinnenavondjes, Sven de enge stalker, festivalletjes in Bxl, busvriendjes, avonden bij de open haard, knallende ruzie's, poolen, nachtelijke escapades, en zoveel, zoveel meer.
Voornemens.
Gelukkig zijn. Of, beter: gelukkig blijven.
dinsdag 25 december 2007
ne gelukkige.
Iedereen die mailt naar beebje@hotmail.com is hartstikke blij,
want ze krijgen een kerst/nieuwjaarskaartje van mij.
Wat een verrassing! Wat een cadeau!
En het wordt niet zomaar een kaartje, ho ho ho,
Vanbinnen zit namelijk een bijzonder gedicht,
speciaal aan je fantastische zelf gericht.
(en je ziet, het worden dus stuk voor stuk poëtische hoogstandjes. *grijns*)
(Mailen kan tot en met zondag 30 januari. Het kaartje ligt dan volgende week te blinken in je brievenbus.)
(Kleine, doch belangrijke tip: zet je naam én adres erbij.)
vrijdag 21 december 2007
December.
I guess the winter makes you laugh a little slower,
makes you talk a little lower
about the things you could not show her.
And it’s been a long december and there’s reason to believe
maybe this year will be better that the last.
I can’t remember all the times I tried to tell myself
to hold on to these moments as they pass.
And it’s one more day up in the canyon
and it’s one more night in Hollywood.
It’s been so long since I’ve seen the ocean...
I guess I should.
Zaterdag 1 december:
Werkte ik.
Kreeg ik mijn eerste lerarenloon. (whiehoe!)
Ging ik naar de finale van Limbomania.
Zag ik veel leuke vriendjes terug.
Was ik moe, zo moe.
Zondag 2 december:
Was ik nog steeds moe.
Maandag 3 december:
Ging ik het stad in met Liesje. Dronk ik thee. Kocht ik kousjes.
's Avonds vierden we Maarten zijn verjaardag. Nuja, ik vierde, hij iets minder. Maarten houdt niet zo van verjaardagen. Zijn eigen verjaardagen, welteverstaan. Iets met OUDerdom, of zo.
Dinsdag 4 december:
Was mijn naamdag.
En 's avonds had ik een date met een jongeman met veel krulletjes.
Woensdag 5 december:
Werkte ik.
Donderdag 6 december:
Werkte ik.
Vrijdag 7 december:
Werkte ik.
Werd ik aangevallen door een stelling. (Wind, en zo. En vallende grote hekken. Op mijn hoofd.)
Bakte ik cakejes.
Zaterdag 8 december:
(Rara...) Werkte ik.
Versierde ik cakejes à la Jackson Pollock.
En 's avonds was er kerstfeestje van de kunstacademie.
Zondag 9 december:
Ging ik 's avonds naar het optreden van de Cowboy Angels in de Cross. (Gram Parsons covers.)
Miste ik mijn trein.
Ging ik op café. Dronk ik witte martini's.
Leerde ik mensen kennen: De oude man. De Ierse meisjes. De jongen aan de pooltafel. Het meisje met de lekkere broodjes. De botenbouwer/kok/poëet.
Maandag 10 december:
Ging ik kindjes kijken aan de schaatspiste op de kerstmarkt.
Dronk ik glühwein met amaretto.
Keek ik naar het slecht geschilderde bladgoud van de vernieuwde stadsfeestzaal.
Bezocht ik leegstaande appartementsblokken.
Dinsdag 11 december:
Zat ik in Oostende. Daar was het koud.
Toen ging ik naar huis. Daar was het warm(er).
Woensdag 12 december:
Kreeg ik haarverf en Alpro Soya van m'n allerbeste vriendin, en ik gaf haar een tekening, en dat allemaal zomaar en gratis en voor niets. En ik gaf les aan één meisje, bij deze mijn eerste privéles. (Buiten al mijn privélessen in geweldige sex meegerekend. Maar die waren dus wel allemaal kosteloos en uit ware liefde, niet dat u iets anders gaat denken.) En mijn mama verjaarde.
Donderdag 13 december:
Werkte ik.
Oh, en ik ontdekte -ahum- kunstzinnige naaktfoto's van mezelf op het internet.
Vrijdag 14 december:
Werkte ik.
Zaterdag 15 december:
Werkte ik.
Ging ik 's avonds met goede vriend Peter naar 'What Jazz' in de muziekodroom.
En diep in de nacht, beleefde ik wilde avonturen.
Danste ik (door het leven.)
Zondag 16 december:
Ging ik van café naar café naar café naar café.
Maandag 17 december:
Lag ik in bed. Hoorde ik verhalen, en muziek.
Dinsdag 18 december:
Stond ik vroeg op.
Stapten we in een teletijdmachine.
En weer back to reality.
In die werkelijkheid dronk ik glühwein en wijn en amaretto en long island ice tea, en at ik gelukskoekjes en slakken, en het was bijna allemaal lekker.
Woensdag 19 december:
Werkte ik.
Donderdag 20 december:
Had ik evaluatie van mijn werk. En het was prettyprettygood.
Luisterde ik melige kerstliedjes. Jeey!
Vrijdag 21 december:
Was ik ziek. (Weeral!) Dankzij de koude buitentemperatuur, mijn vegetarische levenswijze (te weinig vitamientjes en ijzer), en een baan in het onderwijs, met kinderbacillen die de hele tijd rond mij zwermen, kon het ook niet anders.
Ik had het koud en warm tegelijk, mijn hoofd stond op ontploffen, spieren in mijn lichaam waarvan ik het bestaan niet eens afwist deden pijn, de wereld draaide en ik merkte het effectief, mijn ogen zagen eruit alsof ik twee maanden onophoudelijk aan het janken was, en ik had een snotneusje. Viel nog wel mee, allemaal.
(Pas op! Nu wordt het goor!)
Maar toen werd het erger: ik was mijn neus aan het snuiten, en er kwam opeens bloed uit. Bloed! Uit! Mijn! Neus! Bha. Ik denk dat mijn lichaam zoiets had van: hey, het snot is op, meer kunnen we echt niet produceren, dus we zullen dan maar een straal bloed uit het kind haar neus doen lopen. 't Is eens wat anders. Bleh.
Dus toen ik die ochtend fris en monter (sarcasme) de deur uitstapte, en merkte dat er sneeuw lag, daalde ook mijn humeur een graad of 10. Wat niet normaal is, in mijn geval. Normaal gezien zou ik huppelend de sneeuw zijn ingedoken als een uitzinnige puppy, en een sneeuwbal hebben gerold om naar de eerste de beste voorbijganger zijn hoofd te smijten. Maar niets van dat. Ik was ziek en pips en kribbig, en moest met de fiets naar mijn werk. Toen ik halfweg was, en zo hard moest hoesten dat ik moest overgeven (told you so, dat het goor ging worden) maakte ik toch maar rechtsomkeert, richting lekker warm thuis en dokter. Verdict: jaja, 't zit allemaal vast daarbinnen. (nou, chance.)
Trouwens, daar bij de dokter, in de wachtzaal: komt een man binnen. Naast me zitten. Neemt de krant van het tafeltje. Leest de voorpagina (waarop iets over de weersomstandigheden stond geschreven), kijkt verwonderd, draait zich om naar mij (net ontdooid en al, en onder mij een vers plasje gesmolten sneeuw), en zegt: 'goh, heeft het gesneeuwd?' Ik: '...?'
Oh, en ik werkte ook nog, 's avonds. Tegen doktersvoorschrift in. (Ik ben stoer.)
(nuja, kleine nuance: ik wérkte niet echt, ik 'leidde' het kerstfeestje. Niet echt zwaar labeur, moet ik toegeven.)
Zaterdag 22 december:
Werkte ik. (gedrogeerd en al, maar ik stond er, verdorie!)
Een greep uit de taferelen op het werk:
Kindje 1: 'Wij mogen niet vloeken.'
Kindje 2: 'Ik mag dat wel: godverdoeme!'
Ik: 'Hela, hela, dat gaan we niet zeggen, eh.'
Kindjes 1 +2: '...'
Ik: 'Ah nee, je moet 'potvolkoffie' zeggen.
Alle kindjes: 'potvolkoffie! potvolkoffie! potvolkoffie! potvolkoffie!'
Ik: *zucht*
Twee kindertjes zijn met een spons naar elkaar aan het gooien. (zachte objecten: check!)
Kindje 1: 'Juffrouw, juffrouw, die gooit naar mij.'
Kindje 2: 'Jamaar, hij had eerst gegooid.'
Ik: 'Is dat waar?'
Kindje 1: 'Eh, mjaaaa.'
Ik, tegen kindje 2: 'Allé, gooi dan nog maar een keertje terug.'
Ik ben zo pedagogisch verantwoord.
We schrijven nu,
Zondag 23 december:
Ik ben nog steeds ziek, maar Sinutab en Dafalgan en Afebryl zijn mijn vriend.
Begint mijn vakantie. Twee lange zaaaaaalige weken.
Oh, boy!
donderdag 13 december 2007
woensdag 12 december 2007
donderdag 6 december 2007
.....
- Voorlopig gesloten wegens algemene uitputting. -
Of beter: ik gooi er even een vers tegenaan.
Ik wil.
Dat ik dagenlang
zou kunnen slapen:
oh, ik ben moe.
Dat de wereld wat
trager leeft,
met mijn ogen halftoe.
Mijn lijf, en mijn hoofd
in slaapstand gezet:
complete rust.
En dat, als ik uit-
geslapen ben,
je mij weer wakker kust.
